donderdag 21 februari 2008

Ethiopië op de fiets

We zijn nu twee weken in Ethiopië, waarvan negen fietsdagen. Vooraf waren we gewaarschuwd, een prachtig land, maar vol met stenen gooiende kinderen.

Ethiopië is inderdaad vol met mensen. Zelfs op het platteland is er altijd wel iemand in zicht en meestal loopt er een colonne volk, al dan niet met vee, langs de weg.
De reden dat de kinderen stenen gooiden, was ons verteld, was omdat ze aandacht wilde hebben en contact zochten met de “ferenji” (buitenlanders). Aldus gewaarschuwd en in de wetenschap dat in de periode voordat wij langsfietsen al zeker 40 fietsers voorbij zouden zijn gekomen die niet voor ieder kind aandacht hadden gehad voerde wij de tactiek: beter tien keer teveel “salaam” (hallo) gezegd dan één keer te weinig. Naar iedereen (kind en volwassene) die wij voorbij fietste riepen wij vrolijk “Salaam”of “Hello” als ze nog niets van zich hadden laten horen. Van de volwassenen reageerde 99% hierop positief met “Salaam noe” (hallo hoe maakt u het), “welcome” of vriendelijk geknik. Af en toe stopte er zelfs een auto, ging het raampje naar beneden en werden we welkom geheten in Ethiopië.
De meeste kinderen lieten vooraf al van zich horen. De wijze waarop verschilde van dorp tot dorp. De eerste dagen was het vooral veel “youyouyou”, een term waar je even aan moest wennen voordat je vriendelijk terug salaamde. Later werd er vooral “Ferenji” geroepen. Door de allerkleinsten terwijl ze van blijdschap bijna in hun broek leken te plassen zodat ook daarop door ons weer enthousiast gezwaaid, hello-d en gesalaamd werd.
Andere kinderen begroetten ons met “moneymoneymoney”, de kleinsten weer zo enthousiast dat je niet dacht dat ze wisten wat ze precies riepen dus kon er worden teruggezwaaid. De iets oudere kinderen waren soms met een strenge “salaam” ook tot beleefdheid te dwingen, maar anderen bleven soms vervelend lang meerennen (bergop gingen we niet zo hard) met kreten die varieerde van “give me money”, “give me all your money”, “give me the money” en “pen pen pen”. De meesten kon je met vriendelijk gelach wel duidelijk maken dat het onbegonnen werk was. Een paar stonden klaar met stenen in de hand.

Per dag hebben we honderden kinderen gezien en gegroet. Het aantal keren per dag dat er stenen werden gegooid varieerde van maximaal vijf (waarvan 1 raak) tot nul. De kleinere potentiële stenengooiers kon je meestal afbluffen door nog even streng achterom te kijken of te wijzen dat je gezien had dat hij of zij stenen in de hand had. De keren dat er wel gegooid is was vaak van verder weg (boven de weg of vanuit het veld) of uit onverwachte hoek (na een braaf heen en weer gesalaam alsnog van achteren). Ik ben uiteindelijk twee keer door stenen geraakt, Hans had één tak in zijn achterwiel en één steen tegen zijn fiets (wel toen hij met hoge snelheid een berg afzoefde, dus best gevaarlijk). Dat valt dus reuze mee!

Van anderen hoorden we ergere verhalen, ik vermoed dat onze salaam-tactiek ons geholpen heeft.

Inmiddels zitten we dus in de grote stad. Hier wordt niet iedereen meer door ons gegroet (al was dat even wennen), maar af en toe roept er nog wel iemand enthousiast “welcome”. De groep is vanochtend zonder ons doorgefietst. Tot 29 februari zullen we ontdekken hoe Ethiopië is als je niet op de fiets zit maar bijvoorbeeld in de bus. Daarna gaan we even relaxen op Zanzibar (dan is er pas echt er reden tot jaloersheid bij de achterblijvers!).
De eerste foto’s van Ethiopië staan als het goed is ook online.
(Gwen)

(ja ja, weer door Tyra geplaatst)

Lees verder...

dinsdag 19 februari 2008

Afzien

Er kwam bij ons wat voorzichtige kritiek binnen over de weblog. Of er misschien wat meer antropologische beschouwingen en verhalen over de culturele achtergrond van de befietste gebieden opgenomen konden worden. Het volgende stukje poogt een antwoord te geven waarom we op deze punten tot nu toe in gebreke zijn gebleven.

(Door de slechte bereikbaarheid van onze weblog in Ethiopië volgt nu pas het stuk dat voor een week geleden bedoeld was. We zijn ondertussen veilig en wel in Addis Abeba aangekomen. Het verslag over onze Ethiopische wederwaardigheden volgt binnenkort.
Voor de oplettende alles-lezer die overlap opmerkt met de laatste tekst van Gwen: maak je geen zorgen, we lezen elkaars bijdragen heus wel :-). Één keer past het in de lijn van het verhaal, één keer, over de dode dieren in Soedan, denk ik leuk te zijn…
Allerlaatste toevoeging: er zijn nieuwe foto’s van Soedan!
)

AFZIEN
Na aankomst in Khartoum was er geen reden meer om te klagen over de kou. Het temperatuur verloop in onze drie dagen in de stad was 25C, 31C en 33C. Bij 25C had nog maar ruim de helft van de Khartoumezen zijn dikke winterjas aan, bij 31C was het al een minderheid. Tijdens de vier lange fietsdagen van Khartoum naar de Ethiopische grens, steeds zo’n 140 tot 150 km, ging de temperatuur verder richting normale Soedanese waarden voor de tijd van het jaar. Onze medefietsers maten temperaturen boven de 40C, tot aan 47C aan toe. Ik weet zeker dat de metingen niet voldeden aan de standaarden van het KNMI, maar midden op de dag zaten we zonder twijfel ver in de 30.

Behalve de afstand en de hitte kreeg ik een bijkomend probleem. Om te fietsen moet je eten, heel veel. En drinken, zo mogelijk nog meer, vooral als het heet is, erg heet.
Over de hoeveelheid eten die de Tour d’Afrique ons voorschotelt kunnen we niet klagen. Wel over de variatie. Elke dag waren er met lunch dezelfde pita broodjes. Hoe verder van de laatste boodschap plaats, hoe uitgedroogder. Het beleg, tomaat, komkommer, jam, pindakaas, regelmatig tonijnsalade, leverde minder problemen op, maar de broodjes kon ik nog slechts met de grootst mogelijke moeite naar binnen krijgen.

beetje stoffig beetje zoutig

Daarnaast krijgen we per dag twee energie-repen. Regelmatig zien we een uiterste consumptiedatum die al ruim verstreken is. Maar het spul is gegarandeerd 100% vrij van enig natuurlijk ingrediënt zodat we ons daar geen zorgen om maken. Wel riep de helemaal uit E-nummers opgebouwde smaak steeds meer weerstand uit de maag op.
Drinken leverde nog een groter probleem op. Het water dat we krijgen is lokaal getankt, en moet heftig gechloreerd worden om het voor ons drinkbaar te maken. Naast water krijgen we, zoals Gwen al schreef, FF (Fast Fuel). Een laf smakend drankje gemaakt uit het zelfde gechloreerde water met een poedermengsel van zout en suiker. Probeer dat maar eens weg te krijgen als het in je bidon is opgewarmd tot badwatertemperatuur. Toch moet je per dagdeel minstens een 2-3 liter water en FF wegwerken. Ik dwong mezelf, tot aan misselijkheid aan toe.

en beetje vermoeid

Je wilt drinken, heel veel drinken, maar alles wat je kan drinken staat je tegen. Je wilt eten, heel veel eten, maar elke hap staat je tegen, maakt je misselijk.
En toen kwamen we in Ethiopië. Dezelfde toestand als in Soedan, met slechts twee kleine wijzigingen. Het asfalt verdween en werd steenslag of los grind, en geen glooiende vlakte meer, maar bergen. Gwen heeft het al verteld, maar ik moet het nog een keer vermelden. Hellingen tot 13%, terwijl de Alp d’Heuz met asfalt net de 10% haalt. En dan zitten ze nog onder de doping ook. Ons beste klimprestatie tot nu toe was geloof ik de Hollandse brug tussen Amsterdam en Almere. Nu moesten we kilometers achter elkaar omhoog. Elke keer hopen dat het de volgende bocht de laatste zou zijn, steeds maar vloeken, tieren schelden omdat het weer verder omhoog ging. Eindelijk naar beneden wilde je vaart maken, maar er was nergens een glad stuk. Alles trilde, schokte, deed pijn, kilometers lang, en dan weer opnieuw omhoog.
Ergens onderweg omhoog verdwijnt alles, is er alleen nog de helling. Er is geen stoppen, er is niets anders dan omhoog moeten. Zelfs als ik wist dat ik uiteindelijk van mijn fiets zou vallen, misschien zelfs dood zou neervallen, toch zou ik doorgaan. Beter dood dan opgeven, zo voelde het op de fiets. Niets in de eeuwigheid zou me er van weerhouden die @#$%&# helling te bedwingen. Ik bedacht nog dat het volgende stadium zou zijn: was ik maar dood, dan kon ik opgeven. Een andere legitieme reden om op te geven leek er niet te zijn.
Ik tik dit een paar dagen later op een hotelkamer. Het lijken nu wel erg grote woorden. Als ik het echt niet meer had gekund had het gezonde verstand waarschijnlijk toch wel weer toegeslagen. Denk ik nu. Maar toen niet.
Na die eerste dag in Ethiopië kwam ik s’avonds om kwart voor zeven aan als allerlaatste aan. Ik kreeg een applaus van de rest. Gwen was, totaal op en verstandiger dan ik, ’s middags al in de truck gestapt, had onze tent al opgezet, en verzorgde me liefdevol (welkomswoord: ‘he, halve gare’) . Eten kon ik nauwelijks, en toen ik hoorde dat de volgende dag nog zwaarder zou zijn besloot ik mijn eerste dag in de truck door te brengen. Mijn wat meer getrainde medefietsers maakten die volgende dag mee wat ik op Ethiopië dag 1 al voor mijn kiezen kreeg. Vanuit de truck zag het er fantastisch uit. Achteraf dacht ik, had ik het ook niet moeten doen. Nog kapotter, nog dichter bij het uiterste. Wat zou het mooi zijn geweest het toch te halen.
Voor ouders en andere mensen die zich eventueel zorgen zouden aan maken: we blijven echt wel verstandig, vooral Gwen. De laatste twee dagen fietsen in Ethiopië waren gemakkelijk en ontspannen, tot Addis Abeba wacht ons alleen nog asfalt (en de Blue Nile Gorge, 1200 meter naar beneden, daarna aan de andere kant weer 1200 meter omhoog, misschien moeten de Ethiopiërs eens bekend worden gemaakt met het concept ‘brug’)

Daarom dus maar weinig nieuws over culturele zaken. We zijn alleen maar heerlijk aan het afzien. Vanaf Addis Abeba komt er verandering. Dan zijn we drie weken fietsvrij.

NAGEKOMEN SOEDAN NIEUWS
Eerste indrukken kun soms bedrieglijk zijn. Daarom wat opmerkingen achteraf.
De gemelde verkeersluwheid in Khartoum werd vooral veroorzaakt door de vrijdag gebedsdag, en de vrije zaterdag. Op zondag, een gewone werkdag, was alle rust opeens verdwenen. Met de taxi zaten we klem in een file, we deden ruim een uur over het ritje terug naar de camping.
Het liberale klimaat in Soedan werd door sommige medefietsers tegengesproken. Zij waren op de camping aangesproken door Soedanezen die vonden dat alle vrouwen uit onze groep ten alle tijden hun haar bedekt moesten houden. Daarnaast kregen mensen commentaar toen ze een rol biscuit deelden tussen mannen en vrouwen. Het zou niet goed zijn als mannen ook door vrouwen genuttigd, dus onrein, voedsel zouden eten. Het laatste vond ik een beetje eigenaardig. Zoiets had ik nog nooit eerder gehoord, in geen enkel moslimland.. Die opmerkingen over het haar bedekken waren trouwens ook vreemd. In Khartoum zelf liep minstens een kwart van de vrouwen zonder hoofdbedekking, en dat leek geen enkel probleem te zijn.
Wat wij van Soedanezen in Khartoum hoorden was dat het klimaat heel strikt Islamitisch is geweest tot een jaar of vijf geleden, maar dat sindsdien zaken veel vrijer geworden zijn.
Richting grens van Ethiopië werd de behandeling van vrouwen duidelijk minder liberaal. Uiteindelijk leverde het een bijna Noord-Pakistaans straatbeeld op. In de dorpjes bijna alleen maar mannen op straat, vrouwen totaal onbenaderbaar, meestal alleen maar zichtbaar glurend vanachter een schutting of door de deuropening.

Mijn respect voor de mummificatie techniek van de oude Egyptenaren is enigszins afgenomen. Zoals Gwen al vertelde lag in Soedan langs het eerste drukke stuk weg na Khartoum het ene na het andere kreng (dierenlijk). Alle soorten, honden, katten, ezels, koeien, dromedarissen, buffels, wat je maar kon bedenken, en in alle mogelijke stadia, opgeblazen als een ballon, omgeven door een wolk van vliegen en weeïgheid, maar uiteindelijk vaak als een perfect geconserveerde mummie. Wel hoe dichter bij de weg, hoe platter. Soms kwam je haast in de verleiding zo’n honden-haardkleedje, dromedaris of pakezeltje mee naar huis te nemen. Maar wat moet je ermee? Eenmaal thuis verhuist dat spul natuurlijk, zoals altijd, naar zolder.

(geplaatst door Tyra, want ze zijn nog steeds niet online)

Lees verder...

dinsdag 12 februari 2008

Van Khartoum naar Gondar (Ethiopië)

Soedan
Vanuit Khartoum fietsten we richting zuid-oosten. Drie dagen van 140 a 150 km op de verharde weg. De wind was niet meer zo mee als vóór Khartoum, dus af en toe was het ploeteren. De temperatuur had inmiddels ook zijn normale meer dan 40 graden bereikt. Wel heerlijk om niet op te hoeven staan in de ijzige kou, maar de hitte op de fiets was misschien ook weer overdreven.

Vanuit Khartoum was het een drukke weg. Het leek of vooral personen werden vervoerd. Hiervoor hadden ze verschillende bussen. Kleintjes die voor elke soedanees stopte, grotere die bij de dorpjes en busstations stopte en grote snelle doorgaande met volgens de pictogrammen, airco, wc en TV die alleen maar toeterde en heel hard voorbij raasden en waar je soms voor de berm in moest duiken. Het asfalt lag meestal zo’n 25cm hoger dan de berm, dus dat was niet een actie die je graag ondernam.
De kleine en middelgrote bussen reden meestal wel netjes om je heen, maar hadden op hun voorwielen uitsteeksels zoals op de Romeinse paardenwagens, misschien om de concurrentie uit te schakelen? In elk geval voor ons fietsers ook reden genoeg om afstand te houden.

Het traject was een beetje saai, alsmaar rechtdoor met af en toe een flauwe bocht. Van pure zand en rotsenwoestijn veranderde het landschap heel langzaam in wat meer savanne-achtig, wat begroeiing, maar nog steeds erg stoffig. Weer later waren er grote velden met recent geoogste mais. Af en toe stonden er een paar hutjes bij elkaar (in eens niet meer van klei-stenen, maar rond van hout en stro) met daarbij een oogstmachine.
Een ander opvallende zaak was het grote aantal dode dieren langs de weg (van kamelen, via ezels, koeien, honden en katten naar egels). Vooral bij de grotere dieren verraadde de weeïg zoete geur al dat er een in de buurt was. We vroegen ons af waarom ook de grote dieren vaak nog compleet op de weg lagen en dat ze niet in de stoofpot werden gebruikt, maar kwamen tot de conclusie dat dit misschien om religieuze redenen was omdat ze niet ritueel geslacht waren.

Na drie dagen waren we bijna bij de grens met Ethiopië. De laatste kilometers werden we (het groepje achterblijvers) begeleid door een pick-up met een stuk of acht militairen en een grote mitrailleur achterop. De dorpjes waar we nog langs kwamen leken ook vooral militaire kampen, duidelijk een grensgebied.

De grens
Aangekomen in Gallabat, het grensdorp aan Soedanese zijde, mochten we eerst langs de politiepost om te checken of we ons steeds wel netjes bij de politie hadden gemeld. Daarna de douane, waar we (alweer) een formulier mochten invullen over de reden van ons bezoek aan Soedan en toen mochten we de brug over naar Ethiopië waar het plaatsje Metema heette.
Wij waren al gewaarschuwd dat er een lange rij was bij deze douane (wij waren natuurlijk weer als laatste binnen) en besloten daarom om eerst maar naar het kamp te gaan dat aan de overzijde van de weg lag om een soepje te eten. Toen wij 20 minuten later met onze paspoorten naar het kantoortje togen zaten er nog een aantal mensen (aan het bier dat wel) die er al meer dan 1,5 uur hadden zitten wachten.
Het systeem was als volgt: bij binnenkomst in het kantoor (een hutje met 2 bureaus, 3 medewerkers, veel papier en aan de wand kalenders van een bekend Ethiopisch biermerk) mocht je het paspoort op een stapel leggen. De bovenste op deze stapel werd door medewerker nr1 vergeleken met een handgeschreven lijst met, zo vermoeden wij, door interpol gezochte terroristen. Een Duitse jongen met een naam die teveel op één van de namen op de lijst leek kreeg zijn paspoort zelfs pas de volgende dag terug.
Na goedkeuren door medewerker nr1 werden de paspoorten op een volgende stapel gelegd. Medewerkster nr2 keek ze even in en legde ze weer terug op dezelfde stapel waar dan weer een nieuw paspoort op was gelegd door medewerker nr1, dus moest de stapel ge-reshuffeld. Medewerkster nr3 tenslotte pakte daar weer de bovenste van en schreef op een vel papier alle wetenswaardigheden over en wilde graag weten welk beroep de betreffende persoon had. Had je alledrie met goed gevolg doorlopen dan kreeg je een stempel (medewerkster nr2) en mocht je gaan.
Dit systeem had tot gevolg dat iemand die met ons mee was gekomen binnen 5 minuten weer buiten stond, terwijl er mensen waren die al 1,5 uur aan het wachten waren. Hans had het systeem snel door en zorgde dat zijn paspoort ook redelijk snel bovenop de laatste stapel kwam. Kon hij mooi de tent opzetten!
Toen ik aan de beurt was, was net het vel van medewerkster nr3 vol. Even leek het of het hiermee einde kantoortijd was, maar gelukkig bleek er nog een leeg exemplaar voorhanden. En zo waren we ineens allebei in Ethiopië.


Ethiopië
De verharde weg hield meteen op. In het dorpje was het druk, met mensen maar ook met koeien, geiten, kippen etc.
De volgende dag mochten we 100km fietsen over de onverharde weg. Het landschap was bij de grens ook ineens veranderd. Het werd groener en bergachtiger. Een lust voor onze ogen na bijna een maand woestijn. Het fietsen over onverharde wegen was weer bijzonder zwaar voor ons “ongetrainden”. Ik heb de lunchtruck op 60km net gehaald en besloot om de resterende 40km maar niet meer te fietsen. Hans fietste door. Het bleek nog zwaarder dan de ochtend, met stijgingspercentages tot 13% (op onverharde wegen). Uiteindelijk wist hij nog net vóór donker het kamp in de bergen te bereiken, redelijk uitgeput!

Onderweg waren de kinderen zo mogelijk nog enthousiaster dan in Soedan. Het grote verschil, er waren nu veel meer gemengde groepen (jongens en meisjes) en ze waren iets handtastelijker. Tot aan Gonder gingen we over het platteland, of eigenlijk door de bergen met ruraal gebied. Stromen mensen liepen met hun goederen (een mandje fruit, een zak ?, een paar geiten) naar een dorpje bovenop een berg. We vermoeden dat het marktdag was. Hier liepen de mensen nog niet met mobiele telefoons, maar vaak wel met een paraplu tegen de zon. Het berglandschap was weer adembenemend, al vertelde een local dat het hier maar een woestijn was vergeleken met een eindje verderop.

Vanwege de zware fietstocht van gisteren besloten we om vandaag allebei een rustdag op de truck te nemen (ook omdat vandaag was aangekondigd als nog zwaarder dan gisteren). Zelfs in de truck was het een behoorlijke rit en gezien het stijgingspercentage hadden wij geen spijt van onze beslissing. Tja, Hans is nu dus ook EFI af (maar dat waren er meer vandaag).
Nu dus in Gonder waar we morgen (zondag) een officiële rustdag hebben. Daarna schijnt het gelukkig weer een stukje verhard te zijn.

Op 19 februari komen we aan in Addis Ababa. De tour fietst daarna door tot aan de grens met Kenia en gaat dan weer met de bus terug. Hoogst waarschijnlijk fietsen wij dat niet mee. Dat geeft ons drie weken de tijd om wat meer rond te reizen in Ethiopië (lekker met de bus) en daarna nog Zanzibar (paar daagjes strand) en alvast wat Tanzania te zien voordat we 16 maart weer doorgaan met fietsen. Een soort vakantie van de vakantie dus. Maar niets is zeker in Afrika.
(dit bericht is geplaatst door Tyra wegens technische problemen in Ethiopië)

Lees verder...

zondag 3 februari 2008

Khartoum en de weg er naar toe

Een wat langer verslag. De volgende keer dat we kunnen internetten is waarschijnlijk pas in Gondor, Ethiopië over een dag of zes. In Addis Abeba zijn we pas 20 februari.
Er zijn foto’s toegevoegd aan Egypte, en het eerste gedeelte Soedan staat er ook.

De eerste kennismaking met Khartoum was allerhartelijkst. Vanaf de stadsrand gingen we in konvooi, onder politiebegeleiding met luid loeiende sirenes, richting overnachtingsplek. Overal bleven mensen langs de weg staan kijken. Menigmaal was applaus en zelfs gejuich ons deel. ‘Welcome, welcome’ werd er geroepen.
’s Avonds wilden we wat baklava kopen. Het is hier net zo lekker als we in Nederland van de Turk kennen. Een Soedenees die wat Engels sprak was behulpzaam bij de bestelling. Toen we wilden afrekenen, het was ruim een halve kilo van het zoete spul, stond hij erop voor ons te betalen. Meerdere keren afslaan van het aanbod hielp niets. ‘You are our guests’, legde hij uit.

Downtown Khartoum

We zitten momenteel voor één nachtje in een hotel in het centrum van Khartoum. Zojuist de highlights van de stad bekeken. Ik denk niet dat Khartoum de volgende toeristische topbestemming zal worden. Het stoffige centrum staat voornamelijk vol met overheidsgebouwen, en half afgebouwde hoogbouw. Vaak is er geen enkele bouwactiviteit te ontdekken, alsof halverwege het geld is opgeraakt en men op betere tijden wacht. Die zouden volgens alle economen al lang moeten zijn aangebroken. Soedan kent, vooral dankzij de stijgende olieprijzen, één van de snelst groeiende economieën van Afrika, en Khartoum is de plek waar al het geld verdeeld wordt.
Het centrum is opvallend rustig voor een stad van bijna 5 miljoen inwoners. Voornaamste reden is dat alle rickshaws (wij zouden ze tuk-tuks noemen) geweerd worden uit het centrum, evenals de meeste taxi-busjes. Het is heerlijk verkeersluw.
De camping hebben we voor een dag de camping gelaten. De medebewoners van de camping waren interessant genoeg. We ontmoetten bijvoorbeeld de olympische atletiek afvaardiging van Somalië, bestaande uit precies één atleet. Erg aardige jongen, hij gaat meedoen aan de 800 en 1500 meter. Hup Somalië! Daarnaast nogal wat vluchtelingen uit de rest van Soedan, maar ons is niet helemaal duidelijk geworden van waar ze kwamen, en waarom ze er zaten. Het woord Darfur is niet gevallen. Het grote minpunt van de camping is echter de locatie, aan de rand van de stad, zo’n 15 kilometer buiten het centrum. Daarnaast is het wel eens lekker eens een nachtje niet te kamperen. Zojuist gezien dat de satelliet-tv op onze kamer1092, voornamelijk Arabische, zenders aanbiedt (er zitten wel wat dubbelen tussen, ik zag een stuk of zes keer Bagdad TV langskomen). Hoe hebben we al die weken zonder kunnen doen vragen we ons nu af.

DE TOCHT
Sinds Dongela zijn we voortvarend doorgegaan. Er lag goed asfalt, en we hadden een stevige rugwind. Eerst twee dagen van 140 kilometer, daarna één van 160. De laatste dag van 70 tot Khartoum, en daarna 30 in konvooi door de stad beschouwden de meeste fietsers als een peulenschilletje. Wat is nou 100 kilometer, dat doe je normaalgesproken voor 12 uur.
Eerst ging het langs de Nijl, de laatste 300 kilometer dwars door de woestijn om de grote bocht van de Nijl naar het oosten af te snijden. Het was vrij zwaar door de Haboob, de zandstormen veroorzakende wind die meestal in december en januari waait. Overdag blies hij ons weliswaar voort, maar op de kampeerplek werd je compleet gezandstraald. De halve nacht klapperde de tent. ’s Ochtend maten we temperaturen van 6 graden in de tent, kun je voorstellen hoe het buiten was in de stormwind.
Schitterend was het om te zien hoe de Nijl zijn weg zocht door de woestijn. De niet te stoppen watermassa, een heel dun randje groen, waar mensen zich er niet mee bemoeid hebben niet meer dan twee palmenrijen en wat struikgewas dik, en gelijk daarna niets dan woestijn. Je kon zowat een liniaal langs de scheiding leggen.

DE SOEDANEZEN
Door de beelden van Darfur en het beertje Mohammed heb je je al een bepaald beeld van Soedan gevormd. Een arm, moslimfundamentalistisch land. Natuurlijk ligt de werkelijkheid genuanceerder.
De eerste paar dagen leek Soedan op een vriendelijker, afgezwakt Egypte. De kinderen riepen over het algemeen ‘Welcome’ of ‘Hello’, soms ‘pen’, of ‘money’. Een enkele keer waren ze echt vervelend. De volwassenen waren altijd voorkomend, als je een kort gesprekje met ze aanging werd je al snel bij ze thuis uitgenodigd. En iedereen wilde steeds maar op de foto, kinderen zowel als volwassen.. ‘Camera, camera’ riepen ze dan.
Vrouwen benaderden ons op een erg open manier. Het leek in niets op wat ik van bijvoorbeeld Pakistan ken. Zelfs de enkele vrouw in niqaab, alleen een streepje met ogen zichtbaar, zwaaide enthousiast naar ons als we langskwamen.
Soedan leek ook een land in snelle ontwikkeling. Veel nieuwe, keurig onderhouden gebouwen, veelal met een overheidsfunctie..
Vlak voor Dongola veranderde het beeld. De mensen werden wat ingetogener. Wij moesten meestal als eerste groeten. Dat werd wel bijna altijd, ik zou haast zeggen blij verrast, beantwoord. Kinderen bleven vaak op een afstandje alleen maar kijken. Wie waren die vreemde mensen.
Na Dongola veranderde het beeld verder. Langs de Nijl was het echt pure armoede. Vooral kinderen waren gekleed in bijna vodden, smerig, namen geen moeite de vliegen die hun constant lastig vielen weg te jagen. Men leefde van het hoeden van geiten, kamelen, en wat landbouw langs de Nijl. Een winkeltje had wat zakjes zeeppoeder die ze bij ons als gratis samples door de brievenbus gooien, drie schriften en wat onbestemde stukjes zeep.
Een jongen bekeek me van een afstandje. Toen ik mijn hand uitstak deinsde hij verschrikt terug. Foto’s vond men vaak geen goed idee. Ik zag de eerste keer dat vrouwen zich omdraaiden als ik eraan kwam. Maar dat werd waarschijnlijk vooral veroorzaakt omdat ik, nogal cultuur insensitief, in korte broek op weg was naar de Nijl.
Maar ook op het laatste stuk, als je maar een fatsoenlijke broek aanhad, en wat meer moeite deed voor de eerste kennismaking, bleven de mensen uiteindelijk allervriendelijkst en verwelkomend.

DE PRIJZEN
Een vergelijking op financieel gebied voor wie nog twijfelt tussen Egypte en Soedan als vakantiebestemming. De gemiddelde Egyptische middenstander hanteert ten opzichte van de toerist een volkomen geliberaliseerd prijsbeleid. In Luxor wilden we een zak chips kopen, in Egypte net zo’n doorsnee artikel als bij ons . ‘30 pounds, but for you special price, 25 pounds’. Dat zou ruim drie euro zijn. Uiteindelijk kregen we de zak voor 5 pond. Daarna wilde degene die ons hielp nog graag een briefje van 50 piaster (een half pond) wisselen voor twee briefjes van 20 pond, en één van tien. Daar zagen we maar vanaf.
Voor een kopje chai (thee in een klein glaasje met een flinke eetlepel suiker, net zolang geroerd tot alles is opgelost) betaalden we in het begin 2,50 pond, in de buurt van Aswan kwamen we uiteindelijk op een half pond.
Van Soedan zou je juist kunnen zeggen dat ze het meest starre prijssysteem ooit hanteren.. Speciale prijzen voor buitenlanders kent men ook. Het gaat echter volgens een systeem dat geniaal is in zijn eenvoud. Sinds kort kent Soedan een nieuwe munt, het Soedanese pond. Daarvan gaan er twee in een dollar, drie in een Euro. In Soedan kost (bijna) alles voor de toerist simpelweg één pond. Maakt niet uit wat je koopt. Flesje cola, chai, koffie met of zonder melk, klein flesje afwasmiddel, broodje falafal zonder ei, broodje falafel met ei, broodje kip shoarma, fuul (bonen met wat zout en kruiden) alles is één. Pas hier in de grote stad doet men af en toe ingewikkeld. Een flesje cola kregen we in een winkel voor 0,60 pond. Nodeloos ingewikkeld!
(Hotels en restaurant eten zijn trouwens wel redelijk aan de prijs hier. Boven Egyptisch niveau zou ik zeggen).
Als laatste tip voor de potentiële Soedan-ganger: neem voldoende toiletpapier mee als je niet alles met je linkerhand wil afhandelen. In Noord-Soedan is toiletpapier überhaupt niet te krijgen. In Khartoum kosten twee rollen toiletpapier 6 pond, dat is bijna een euro per rol.

OP ORDE
Vooral door krachtig ingrijpen van Gwen hebben we nu eindelijk de zaken rond red box en permanent bag op orde. Voor degene die nog niet volledig is ingevoerd in de Tour d’Afrique terminologie: de red box kunnen we elke dag bij, de permanent bag is alleen beschikbaar op rustdagen, gemiddeld eens in de vijf-zes dagen. Probleem van de red box is dat de afmetingen beperkt zijn, en dat je niet elke dag eindeloos wil passen en meten in de vroege ochtend koude. Behalve onze fietskleding hebben we nu elk 4 of 5 onderbroeken ter beschikking en 1 t-shirt. De rest bleek totaal overbodig. Je loopt gewoon 5 dagen in dezelfde fietskleding, het enige wat je echt uit wil doen is je fietsbroek. Ik wilde één en ander nog wel wat verder doorvoeren. Als ik eenmaal op een bepaald pad ben gezet, ben ik soms niet meer te stoppen.. Mijn ultieme voorstel was om met één fietsbroek dag en nacht gedragen, vier maanden lang, de hele Tour d’Afrique te doen. Die fietsbroek zou ik dan terug in Nederland bij opbod verkopen voor een goed doel. Gwen vond het geen goed idee.

Fysieke staat Gwen en Hans: Na twee dagen rust is de vermoeidheid uit het lijf verdwenen. Beiden hebben we zo’n gebarsten onderlip die je altijd in films ziet als mensen na één of ander ongeluk een lange tijd bijna zonder water door de woestijn trekken. Af en toe wel wat pijnlijk, vannacht werd ik wakker toen mijn beide lippen aan elkaar waren geplakt, maar verder voornamelijk stoer voor foto’s.

Mentale staat Gwen en Hans: Los van hoe verschrikkelijk het is voor de Kenianen, maar de teleurstelling dat Kenia niet doorgaat lijkt bij ons minder dan bij de andere groepsleden. Noord-Kenia zou een soort reprise van Noord-Soedan zijn, alleen langer, nog slechtere weg, en heter. Voor een dag of 10 ‘vrij’ in Tanzania valt ook wel wat te zeggen. Wij gaan waarschijnlijk bijkomen op Zanzibar, en wat rondreizen. De meeste overige groepsleden willen de Kilimanjaro te lijf. In vijf tot zes dagen in kou en nattigheid naar 6000 meter klimmen, om daar in de laatste sneeuw te staan, met een kans van één op drie dat je het door hoogteziekte wordt geveld. Op de één of andere manier klinkt een tropische strand aantrekkelijker.
(Hans)

Lees verder...

vrijdag 1 februari 2008

Laatste Kenia nieuws

Even een kort bericht uit Khartoum, morgen of overmorgen volgt een uitgebreid verslag.

We zijn dus in Khartoum, weer 5 dagen fietsen in 4 dagen gepropt, maar heerlijk asfalt en veel wind mee.
Inmiddels is duidelijk geworden dat we Kenia gaan overslaan. De organisatie durfde het om verzekeringstechnische redenen toch niet aan. Waarschijnlijk vliegen we er nu overheen, van waar naar waar is nog onduidelijk, en we moeten de dagen die we anders zouden fietsen ons zelf zien te vermaken. Opties genoeg, Kilimanjaro beklimmen, weekje Zanzibar ... we zien het wel.
(Gwen)

Lees verder...

maandag 28 januari 2008

EFI is ook niet alles

Okay, ik ben een slappeling, zaterdag na de lunch ben ik op de truck gestapt.

Omdat we een extra rustdag kregen bij aankomst in Soedan moesten we de afstand van 5 dagen in 4 dagen afleggen. Dat zou geen probleem moeten zijn omdat de chinezen heel Soedan aan het asfalteren zouden zijn. De eerste 40 km op de eerste dag was inderdaad ongeveer de helft geasfalteerd, maar de rest was stuiteren (over ribbels en rotsen, glijden (over zand en steentjes) of tot stilstand komen (in diep zand). De eerste dag waren we (natuurlijk als laatste) weer net voor donker binnen. Tent opzetten, eten, naar bed en om zes uur weer tent afbreken, ontbijten, fietsen. Dag twee was er helemaal geen asfalt (en wel weer 110km). Na 10 uur fietsen kwamen we weer net op tijd voor het avondeten aan. Op dit soort wegen is enige vorm van vering toch aan te raden (maar dat hadden ze in de fietswinkel dus niet gedaan, dus ik stuiterde de hele dag heen wen weer op de fiets.)
Het vooruitzicht om zo nog twee dagen door te brengen deed mij op dag drie besluiten om na de lunch maar op de truck te stappen (voor de laatste 50km) in de hoop dat ik dan tussen tent opzetten en avondeten nog een uurtje tijd zou hebben om te relaxen (het moet toch een soort van vakantie zijn, geen strafexpeditie). Hans, natuurlijk een echte bikkel fietste wel door. De truck (die ook moeite had om over de Soedanese “wegen” te rijden) was er uiteindelijk maar een uurtje eerder dan hij er was. Maar ik heb tenminste een half uurtje in de opgezette tent kunnen liggen, eindelijk vakantie! Die EFI (alles fietsen) ging ik toch nooit halen (Noord Kenia is vijf dagen stuiteren).



Door de woestijn fietsen was ook nog een belevenis op zich, vanaf het laatste woestijn-kamp moesten we al een soort van groep tussen twee bergen die in de verte lagen doorfietsen. De wegen in de woestijn zijn een beetje onduidelijk, er lopen altijd verschillende sporen alle kanten op (ik vermoed dat een Soedanees altijd de kortste route neemt). Er bleken ook nog eens drie bergen te zijn zodat een deel van de groep in de foute richting ging fietsen. Na een paar kilometer werden we door een zenuwachtige groep Soedanezen verteld dat we fout zaten en gingen we dwars door de woestijn (er was geen spoor meer te bekennen) weer de andere kant op. Het schijnt dat er een paar jaar geleden een groepje TdA-ers hier verdwaald is, maar wij zijn gelukkig allemaal teruggevonden.

Soedan tot nu toe: prachtige landschappen, overwegend heel vriendelijke mensen, vrouwen veel opener en vrolijker dan in Egypte. In dit deel van Soedan is de economie ook snel groeiend en de straten zijn vol met bellende Soedanezen en het lijkt in niets op wat je op TV over bijvoorbeeld Darfur ziet..

Nu dus een rustdag in Dongola, een levendig dorpje in Noord Soedan. We kamperen in de voormalige dierentuin (er schijnt nog een schilpad rond te lopen, maar die heb ik nog niet gezien). Het stromend water komt uit een slang ergens midden op het terrein, maar er is water!!!! Gisteren na aankomst konden we heerlijk badderen in de red-box. Best een leuk gezicht zo’n groepje mensen in een te kleine rode doos. De locals gluurden over de muren vrolijk mee (misschien heet het daarom de Dongola Zoo?).









Het is hier winter, vanochtend was het 6 graden in de tent (in de zomer is het ’s nachts 28 graden en overdag 45) maar zodra de zon er is wordt het voor ons in elk geval heerlijk weer voor eind januari (een graadje of 23 in de schaduw). Wij lopen er dan ook om z’n zomers bij, de locals hebben winterjassen aan en bontmutsen op.

Tot slot nog even kort wat antwoorden op de vragen:
Sinds de derde truck er is hebben we echte koffie!!!! Wel slap dat ze niets van zich hebben laten horen Rodney!
Als avondeten in het kamp is het rijst, spagetti of couscous met een prutje met vlees (wie weet of het kamelen zijn) tomatensaus en groenten. Verder zijn er de laatste dagen appels (uit Syrie) en waren er in Egypte mandarijnen.
Op de fiets hebben we 3 liter vloeistof, water (dat wordt behandeld met chloor) en FF (First of Fast Fuel) water met een poedertje.
De localo’s reageren van enorm enthousiast (de meesten) tot iets agressiever (stenen, een enkeling).

Morgen weer vijf dagen fietsen op weg naar Karthoum, de hoofdstad.

(Gwen)


Mentale toestand Hans: Fijn een dagje niet fietsen.
Fysieke toestand Hans: Koortslip (bijna voorbij), verstruikte duim omdat hij op de boot van de trap viel, verbrand voorhoofd (door het korte kapsel), ook een zere onderlip (zie toestand Gwen, maar veel minder erg), stijve knieën, zere kont (tijdens fietsen) en nog meer maar dat wil hij niet meer vertellen omdat ik nu vermoeid begin te kijken.
Mentale toestand Gwen: heeft er vrede mee dat EFI niet meer mogelijk is en gaat vooral genieten.
Fysieke toestand Gwen: Sinds enkele dagen in bezit van een enorm opgezwollen onderlip (zo goed gebotoxed volgens enkele groepsleden dat ik moet overwegen om de bovenkant ook te laten doen). Doktor Luke dacht aan een allergische reactie, maar de aangeboden pillen hielpen niets, dus ik hoop maar dat het vanzelf over gaat.

Lees verder...

woensdag 23 januari 2008

Aangekomen in Soedan + resume Egypte

We zitten vast in Wadi Halfa, Soedan, de plek waar we na de boottocht over het Nassermeer zijn aangekomen.
De trucks die ons begeleiden moeten met een andere boot komen. Die is een stuk langzamer, daarom lieten de trucks ons al twee dagen voor ons vertrek uit Egypte in de steek. De truck-boot is echter nog steeds niet aangekomen. Het schijnt dat bij stevige wind ze ergens het anker uitgooien, en wachten op betere tijden. Het heeft de afgelopen dagen inderdaad behoorlijk gewaaid. Eigenlijk hadden we vanochtend al moeten vertrekken, maar tot op heden nog geen spoor van de trucks. In de trucks zitten ook de meeste van onze spullen die we niet dagelijks nodig hebben. De instructie was alleen het hoogst noodzakelijke voor twee dagen mee te nemen. Door de schone onderbroeken etc. zijn we nu een beetje heen. Gelukkig dat we in Egypte al goed op dit soort zaken hebben kunnen trainen.

Alvast wat eerste indrukken van Soedan. De douane afhandeling was onovertroffen. Iedereen op een rij met zijn bagage. Dan een sticker op elk stuk bagage. Daarna de douane hal weer uit waarbij twee douanemannen een kruisje op elke sticker zetten. En dat was de controle. Waterdicht, komt niets doorheen zonder sticker met een kruisje erop.
Gisteravond keek heel Wadi Halfa Egypte-Kameroen voor de Afrika-cup, tenminste de mannen. Er was geen vrouw te bekennen. Alle cafe's aan het centrale plein hadden rijen stoelen neergezet. Iedereen was totaal op de hand van Egypte. Sommmigen zo uitbundig dat je niet zou vermoeden dat je in een drooggelegd land bent. 4-2 voor Egypte is het geworden hoorden we vanochtend.
Het stadje is zeer ruim opgezet, tussen de huizen niets dan zand. Auto's kiezen meestal de kortste weg, asfalt laten ze voor wat het is.
Asfalt? Ja, er is asfalt. Iemand vertelde dat er vorige nog louter zand was. Mensen die vanochtend een stukje Wadi Halfa uitgingen stuiten echter al snel op de overgang asfalt-zand
Laatste indruk want de verbinding gaat steeds gekker doen: er is internet, bewijs is met deze post geleverd, en bijna iedereen loopt met mobieltjes rond.

Nog snel het op de boot gemaakte bericht erbij plakken:

Resumé Egypte

We zitten op de boot naar Soedan. Lekker, even wat anders dan fietsen. Ons was door de organisatie chaos en een enorme hoeveelheid bagage en passagiers beloofd. Daarom konden we er niet vroeg genoeg bij de boot zijn. De chaos bleek wel mee te vallen, evenals de hoeveelheid passagiers en bagage. Een uur of elf stonden we bij de boot, een uurtje later waren de 70 fietsen en alle bagage geladen. Nu is het wachten tot vier uur op het vertrek. De tocht gaat over het Nassermeer. Onderweg zouden we de tempels van Abu Simbel nog kunnen zien, maar ik vermoed dat het dan al donker zal zijn. Morgenvroeg ergens tussen tien en twaalf komen we aan. Inshallah. Dan gaat de ware beproeving beginnen. De Chinezen, waarover we het hadden in eerdere bijdragen, zijn volgens de laatste berichten alleen aan het asfalteren tussen Dongola en Khartoum. Dongola, daar komen we pas na zes dagen zand- en gravel fietsen aan.

Egypte is achter de rug. De eerste van tien landen.
Na de eerste dag kregen we de indruk voor een schier onmenselijke opgave te staan. Na acht en een half uur op de fiets waren we net voor zonsondergang binnen. Bijna de hele dag hadden we heuvel op tegen de stormwind in moeten rijden. Soms haalden we zelfs in een groepje nauwelijks tien kilometer per uur.
Als ware professionals rijden we met hartslagmeters. Mijn ideale hartslag voor duurinspanning is 140 of minder. Toen ik een keertje keek stond mijn hartslag op 172, andere keren nog steeds ergens in de 160. Alsof je aan een stuk door een eindsprint aan het doen bent.
We zetten de tent op in het donker, het werd heel snel koud, konden achteraansluiten in de rij van zeventig man sterk voor het eten. In de tent kon ik nog net denken ‘hoe gaan we dit in hemelsnaam overleven’ voordat we om half acht ’s avonds uitgeput in slaap vielen. Tegen de koude had ik mijn thermo-underware aangetrokken. Zeg maar het vroegere borstrokje en lange onderbroek, maar dan met lange mouwen, en van een volgens de laatste technologie gemaakt stofje. Als je het uittrekt knettert het aan alle kanten. De eerste vier dagen zouden ze niet meer uitgaan. Daarna kon ik ze zo’n beetje afpellen voor de eerste koude douche en wasbeurt in vier dagen.
De dagen na dag één bleken gelukkig wel iets gemakkelijker te zijn. Langs de Rode zee hadden we meestal een stevige rugwind. Toch komt elke dag nog steeds op een gegeven moment de gedachte op ‘Shit, wat een kolere eind fietsen’. De hoop is dat dit moment steeds verder zal opschuiven, misschien zelfs helemaal zal verdwijnen. Ik heb al mijn eerste twee uur van rijden zonder zadelpijn achter de rug. Geweldig gevoel! Het schijnt dat je kont zich kan aanpassen aan de constante marteling.
Dat de Tour d’Afrique een gemeenschap op zichzelf is gemakkelijk te bewijzen. ‘How is your ass today’ is een volkomen geaccepteerde conversatie starter.
Kamperen op campings in Egypte zou ik niemand aanraden. Gwen heeft er al over gehad. Op beide min of meer officiële campings waar we verbleven trok bijna geen enkele wc door. Wat een mannetje of tachtig in één overnachting dan kan aanrichten is niet in woorden te vatten. Als ik binnen een straal van drie meter kwam van een toiletdeur begon ik te kokhalzen, verdergaan zonder braken was onmogelijk. Dan waren de desert-camps, waar je met een schepje een gat graaft en daarin alles deponeert om het vervolgens af te dekken, een stuk aangenamer.

(Een uurtje of vier later)
Ondertussen is het op de boot half zeven geworden. Twee en half uur na de geplande vertrektijd liggen we nog steeds aan de kade. Dat je niet voorbarig conclusies moet trekken is me eens te meer duidelijk geworden. De hoeveelheid spullen die de afgelopen vier uur op de boot is geladen tart elke beschrijving. En het gaat nog steeds door. Zelfs voor de stuurhut liggen de dozen opgestapeld. De ene na de andere totaal overladen truck komt aanrijden. Tientallen sjouwers brengen de spullen over onder constant geschreeuw. Af en toe wordt het echte ruzie. Naast ons liggen nog twee open boten. Die zijn ook helemaal volgestort. Soms letterlijk, de grote zakken worden zo van bovenop de vrachtwagens in het ruim gesmeten. Daarbovenop gaan weer dozen in alle mogelijke formaten, maar ook losse kruiken, en tafels, en alles wat je maar kan verzinnen. Ik heb al twee grote aquaria gezien, in beide zou een volwassen zeemeermin met gemak passen. Als er sprake is van enige planning dan valt die voor een leek in ieder geval niet te herkennen.. Waarschijnlijk gaan we de open vrachtboten achter ons aan slepen.
Opeens komen we in beweging. Maar op de kade staan nog minstens 5 overladen trucks te wachten. Zouden die op de volgende boot moeten wachten, over een week? O, nee, we gaan nu weer terug naar de kade.

Terug naar het resumé.
De harde cijfers:
Gefietst: 1012 kilometer
In de truck: 0 kilometer
Totale tijd op fiets: 46 uur en 14 minuten
Gemiddelde snelheid: 22,48 kilometer/uur
Langste dag: 8 uur en 32 minuten in het zadel (of staand vanwege de zadelpijn)
Snelste dag: 27,9 gemiddeld
Langzaamste dag: 15,2 gemiddeld
Hoogste snelheid: 52,1 kilometer/uur
Langste afstand op één dag: 169 kilometer

Wat we geleerd hebben de afgelopen tien dagen:
1. Als je denkt dat je naar beneden kunt schakelen, lichter kunt gaan rijden, doe dat dan.
2. Als je denkt dat je kunt eten, doe dat dan.
3. Vies is een rekbaar begrip

Uiteindelijk vertrok de boot om acht uur.
Gwen heeft een geweldig filmpje gemaakt van het laden. Wat je ziet ging van drie tot acht uur non-stop door. Nu maar hopen dat we het kunnen uploaden. (Hans)

Dat uploaden gaat hier zeker niet lukken. Houden jullie tegoed.
Tot over een dag of vijf (Dongola), of anders tien (Khartoum).

Lees verder...

zondag 20 januari 2008

Op naar Soedan

Vandaag aangekomen in Aswan. Morgen een klein stukje fietsen (18km) over de Nasser dam en dan op de ferry naar Soedan. We moeten natuurlijk nog zien of we morgen halen op de fiets, maar ik denk dat we kunnen stellen dat we heel Egypte hebben volbracht!!!

Hadden we in Luxor net onze red-boxen een beetje op orde, moet alles weer anders.
Omdat de trucks met een andere ferry reizen hebben wij drie dagen geen beschikking over de red-boxen. En moest alles gisteren omgeordend worden om in de permanent tassen te passen die wij dan weer de boot op mogen nemen.

Gisteren en vandaag was de camping in een stadion, gisteren stonden we bijna op de middenstip in Edfu, nu mogen in een voor-parkje staan. In plaats van met een schepje de woestijn in voor toiletbezoek maken we gebruik van de geboden faciliteiten van het stadion. Gisteren drie aftandse WC’s en twee zit-WC douche combinaties, na bezoek van 62 fietsers en stuk of 10 staff niet meer de chlorix kwaliteit bezittend die je eigenlijk zou willen, vandaag een redelijk groot kleedkamercomplex die er tot nu toe stukken beter uitziet. Onze normen zijn inmiddels wel verlaagd, dus wij zijn snel tevreden.

Gisteren kwamen ook de BN-ers ineens opdagen. Het bleek toch het programma “Waar is de Mol” te zijn met Johnny de Mol en als gast Filemon Wesselink(?). Er werd helemaal niet meegefietst, Filemon wilde een soort Tour de France verslagje maken van onze Tour. Het was echter geen race dag. Na korte interviews met de racers en Hans(!) hebben we ze echter nooit meer terug gezien. Als niet alles eruit geknipt wordt is het in maart op de TV. (zender Veronica, serie start 28 februari, wij zitten in aflevering vier, alles met een slag om de arm, behalve de zender)

Vandaag weer heerlijk een stukje (115 km) langs de Nijl gefietst. Lekker druk bevolkt met weer veel enthousiaste kinderen, ik heb zeker 100 high-five’s gegeven onderweg. De dag begon anders dan normaal omdat de trucks die altijd voor het ontbijt zorgen al op weg waren naar Soedan. Een lokale falafel verkoper was uitgenodigd om ons te verzorgen. Hij had echter een klein probleem om zijn olie heet te krijgen, dus pas om kwart over zeven was er eten voor de uitgehongerde fietsers die al vanaf zes uur stonden te wachten. Wij waren natuurlijk net op tijd klaar met de tent afbreken om aan te schuiven…

Morgen naar Soedan dus, 18 – 22 uur op de boot. Dan 18 dagen drooglegging (alcohol is ten strengste verboden), waarschijnlijk 11 dagen geen internet en zes dagen geen stromend water. O ja, en de wegen schijnen ook niet verhard te zijn (tenzij de Chinezen hard hebben doorgewerkt). Voor onze blog lezers hebben we om de tijd tot onze volgende bijdrage door te brengen al een aantal Egypte foto’s online gezet.
(Gwen)

Lees verder...

vrijdag 18 januari 2008

Morgen weer op de fiets

Alweer aan het einde van de rustdag. Vanaf de aankomst gisteren niets dan genieten. Gisteravond het lekker laat gemaakt (kwart voor negen pas naar bed), en vanochtend heerlijk uitgeslapen (tot kwart over zeven maar liefst). Vandaag de hele dag heerlijk een beetje aangerommeld. De fietsen zijn schoon, de bagage is compleet herordend, en mijn kapsel kan nu zes woestijn overnachtingen achter elkaar met gemak aan.

Na 6 dagen woestijn

Voorbereid op nog 6 nieuwe woestijndagen











Maar morgenvroeg om kwart voor zes gaat de toeter van de truck weer. Het ontbijt wordt geserveerd. Zo snel mogelijk na zeven uur willen we weer op de weg zitten. Dit keer van Luxor naar Idfu, 120 kilometer, dus een makkie. De dag erna naar Aswan, ook weer zo’n ‘gemakkelijke’ dag van 120 kilometer. Het gemakkelijke schuilt in de heersende noordenwind. Mocht die het laten afweten, of zelfs gedraaid zijn, dan wordt het een heel ander verhaal. Vanaf Aswan op de boot over het Nassermeer naar Soedan. En daarna het noorden van Soedan in. Volgens sterke geruchten zijn de Chinezen daar alles aan het asfalteren. Ik kan er alleen maar voor zijn. Lang leve de vooruitgang. Maar dat zal pas echt duidelijk worden als we er daadwerkelijk zijn.

Gwen en ik hebben een verdeling gemaakt qua bijhouden van het weblog. Gwen neemt het praktische verslag voor haar rekening, ik doe meer de beschouwelijke invalshoek. Een beetje zoals thuis, waar Gwen ook meer de lopende zaken ter hand neemt, terwijl ik vooral beschouwend op de bank zit. Maar net als thuis, waar ik de vuilnis buiten zet als ik het niet vergeet, de helft van het koken, boodschappen doen en afwassen voor mijn rekening neem, zelfs hoofdverantwoordelijke voor de koelkast ben, en Gwen ook wel eens wereld-beschouwend op de bank zit, zal de scheiding niet absoluut zijn.

FIETSEN VERSUS REIZEN
Hans beschouwt: Tour d’Afrique, dat is fietsen (Tour) en Afrika zien (d’Afrique). Mijn indruk van de eerste week is dat de meeste medegroepsleden meer fietsers dan reizigers zijn. De gesprekken gaan meer over al dan niet het grote voorblad gebruiken, hoe de ketting te smeren, of welke band te gebruiken, dan over eerdere reizen of de eigenaardigheden van de landen waar we doorheen zullen gaan reizen.
De opzet van de Tour d’Afrique maakt contact met de lokale bevolking zeker niet onmogelijk, maar moedigt het ook niet aan. We lijken nog het meest op een klein westers dorp dat door Afrika trekt. Of klein westers dorp, bijna middelgroot. Onze karavaan telt 55 fietsers die van begin tot einde meedoen. Daarnaast een stuk of 10 ‘sectional riders’, die haken ergens onderweg af om voor anderen plaats te maken. Dan is er nog een staf van een bijna 10 personen, en een stuk of 15 Egyptisch politiemensen die ons constant begeleiden. Bij elkaar negentig personen. Het vervoer bestaat uit twee grote overland trucks en bus. Die bus wordt in Soedan vervangen door een derde overland truck. De Egyptische politie brengt ook nog een pick-up truck of drie mee. Deze hele karavaan trekt door Egypte. Overdag fiets iedereen overigens voor zichzelf. Dus het kan gemakkelijk gebeuren dat Gwen en ik lange tijd met z’n tweeën fietsen. Maar bij de lunchstop is het weer een drukte van belang. Salades, Egyptische brood en vele potten pindakaas en jam staan voor ons klaar. Ook het ontbijt en het avondeten gebeurt in ons eigen ‘dorp’. Als we ergens onderweg stoppen in een tentje langs de weg voor een Cola is het zeer waarschijnlijk dat er al een stel andere Tour d’Afrique rijders zitten. Maar misschien wordt dat later anders als we in drukker bevolkte gebieden komen, en er keuze zal zijn om ook eens ergens anders te eten. Daarnaast zal er dan om het kamp niet alleen maar lege woestijn te zien zijn, maar een dorpje of een stadje waar je eens op je gemak kan rondkijken.
Contact (net geklaagd over gebrek aan contact met ‘couleur locale’, het echte Afrika gevoel, wordt op mijn wenken bediend, stroom valt in hotel en wijde omgeving uit, zit nu in het pikkedonker met mijn mijnwerkerslamp op te tikken) met bevolking misschien wat minder, maar contact met landschap des te meer. Het is echt fantastisch om op je fietsje door de woestijnlandschappen heen de suizen, of zelfs berg op te kreunen en steunen. Alles is echt mooier vanaf de fiets. Zelfs als je kont zeer doet, en de knieën stijf zijn.
Gisterochtend trouwens ook voldoende contact gehad met de locale bevolking. We kwamen na vijf dagen woestijn voor het eerst weer in de bewoonde wereld. Het groene vruchtbare Nijldal is geloof ik vier keer zo dicht bevolkt als Nederland. Een golf van enthousiasme begeleidde ons toen we eenmaal door de dorpjes en stadjes fietsten. Overal schreeuwende en juichende kinderen. We moesten aan een stuk door terugzwaaien. Overal ‘Hello’, ‘Welcome’ en ‘What is your name’, maar ook ‘Money, money’. Kleine ventjes waren nog wel eens vervelend. Gwen kreeg een handvol bladeren en zand in haar gezicht gegooid, gelukkig had ze haar zonnebril op. Een met volle kracht gegooide steen miste me maar op en halve meter. Heerlijk, contact met de lokalen.
Met een beetje geluk kunnen we in Aswan nog wat schrijven. Anders wordt het Dongola in Soedan, vanaf vandaag over een dag of tien. (Hans)

Lees verder...

donderdag 17 januari 2008

De eerste rustdag

Na zes dagen fietsen staat de teller op ruim 770 km (nee, nog geen eelt te bekennen Paul). Vanmiddag waren we om 12 uur in Luxor en morgen kunnen we genieten van de eerste rustdag.

Een rustdag wil zeggen niet-fietsdag, van rusten zal niet zoveel komen. De was moet worden gedaan (gelukkig hangt die nu al grotendeels op de waslijn), de fiets moet onderhouden (daarvoor moeten we nog even advies vragen aan de “deskundigen”, tot nu toe hebben we de kettingen één keer schoongemaakt en gesmeerd) en de “red-box” moet worden herpakt.
In Caïro waren we blij dat alles zo gemakkelijk in de red-box paste, toen we de dozen echter van en naar de truck moesten sjouwen kwamen we al snel tot de conclusie dat we daar teveel spullen in hadden zitten. De overige spullen zitten in de “permanent bag” die alleen op rustdagen van de truck wordt afgehaald. We blijken in de woestijn kampen echter veel minder nodig te hebben dan verwacht. De dagen tot nu toe verliepen als volgt:
5.30 uur opstaan, het is koud en nog donker.
Billen insmeren, fietskleding aan, alle spullen weer in de red-boxen (ja ze zijn rood), tent afbreken en ook in de red-box doen. Waterflessen bijvullen op de fiets.
Ontbijten kan tot 7 uur, er is havermout pap, egyptische broodjes, pindakaas en jam. Daarna was je je eigen bordje, lepel en mok (er is ook thee en helaas, nescafé) af in de teilen genummerd 1 (heel vies), 2 (iets schoner sopje) en 3 (spoelwater). Daarna moeten ze ook weer in de red-box die dan in de truck geladen kunnen worden.
Tegen die tijd zijn de meeste fietsers al op weg. Ons lukt het nog steeds niet om efficiënt de ochtendrituelen af te werken.
Dan op de fiets, afhankelijk van de afstand van die dag 40 – 70 km fietsen tot we bij de “lunch-truck” zijn. Hier snel een egyptisch broodje jam, pindakaas en heel soms als we niet te laat zijn tonijnsalade naar binnen werken en weer op de fiets.
Bij aankomst (na totaal tot nu toe 94 km (makkie zoals vandaag) tot 168 km (best een eind)) op het kamp snel de mokken weer uit de red-box en een soepje. Tot nu toe zijn we steeds als één van de laatste binnen en is de soep al een beetje koud.
Dan sjouwen met de red-boxen (hopelijk overmorgen al wat minder) naar de plaats waar we ons tentje neerzetten. Tent opzetten. Dan hopen dat het snel tijd is voor avondeten. Gisteren zaten we echter lekker in het zonnetje en hebben zelfs een biertje gedronken vóór het avondeten. Om een uur of zes (het is dan bijna donker) is het praatje met instructies voor de volgende dag en daarna eten. Eten op, bordje weer afwassen, misschien een kopje thee, maar dan om een uur of acht is het echt bedtijd voor ons (de eerste nacht lagen we zelfs om zeven uur al in de tent).
Maar morgen gelukkig rustdag!
(Gwen)



Lees verder...

dinsdag 15 januari 2008

De eerste dagen op de fiets

Jawel, we hebben al 4 fietsdagen (ruim 500km) erop zitten. Een aantal Egypte weetjes op een rij:

In Egypte kan het heel koud zijn,
In Egypte heb je niet altijd wind mee.
Egypte heeft heuvels.

En daar kwamen we op dag 1 al achter. Meer dood dan levend konden wij net voor het donker het kamp bereiken. Na ons zijn een aantal mensen van de weg geplukt omdat het te donker was geworden. Daar gaat hun EFI (every fucking inch, oftewel alles fietsen). Maar zoals Hans al schreef, er is een grote groep relaxte fietsers die al heel wat in de bus heeft gezeten.

Nu verder geen uitgebreid verslag, komt wel uit Luxor. Voor de echte liefhebbers wordt op de officiele site van de TdA wel een dagelijks verslag via de sateliet telefoon opgestuurd.
Vandaag trouwens al wel de eerste lekke band, gelukkig nog op het kamp, het was een spijker. Daardoor vertrokken wel (weer) als laatste, maar daarover later meer.
Fysieke toestand Hans: Totaal uitgeput
Mentale toestand Hans: Heel blij dat we het tot nu toe hebben volgehouden.
Fysieke toestand Gwen: Auw mijn billen
Mentale toestand Gwen: Te moe om te denken.
(Gwen)


Lees verder...

post van 11 januari

Het onderstaande had jullie eigenlijk al vorige week moeten bereiken. Maar ons
vijfsterren hotel, Egyptische vijf sterren, deed op vrijdag niet aan internet. Bij deze dus
alsnog..


Gistermiddag stond er een koude wind in Cairo. Tegen de avond begon het stevig te regenen.
De taxichauffeur zei dat het zeer uitzonderlijk was, regen in januari. Vanmiddag regende het weer, maar slechts motregen.
Het wordt een wat langer verhaal. Maar hierna komt er een tijdje rust. De volgende keer dat we kunnen schrijven is, na flink wat nachten 'desert camp', in Luxor. Dat is dag zes als ik het goed heb.
Vanavond worden we door het Egyptische ministerie van toerisme gefêteerd op een Nijlcruise inclusief diner en een dansvoorstelling.



Morgen is er de grote briefing, het checken en laden van de bagage, en een laatste controle van de fiets. En dan zaterdagochtend vroeg de start.
Eerst naar de piramides, daar krijgen we na wat officiële toespraken het startschot. Op naar Kaapstad!
Van de bekende Nederlander die voor een tv programma een paar dagen zou meegaan tot op heden geen spoor. Misschien is het format al gecrasht voordat überhaupt de eerste beelden zijn geschoten.

Wat nadere details over onze heenreis. De film was 'Alles is liefde'. Dan merk je dat je emotioneel toch een beetje labiel bent zo net voor de start van zo'n grote gebeurtenis. Om de haverklap welden tranen op.
Toen Gwen met haar acht fietskettingen het vliegtuig niet in mocht vroeg ik me af op welke gronden. Ik ken de handbagage regel: 'a reasonable amount of reading material is allowed'. Van mijn zeven boeken hadden ze wat mogen zeggen. Maar waar staat geschreven 'A reasonable amount of bicycle chains is allowed'. Waarom zou je er geen acht mee mogen meenemen?
Op het vliegveld had ik het NRC gelezen, tijdens de vlucht kregen we NRC-next. Ik las twee keer bijna hetzelfde artikel over een EO programma waar jongeren zich 40 dagen van sex zullen onthouden. In het NRC luidde de kop: 'Zoenen mag, maar strelen is taboe'. In NRC-next was de kop: 'Zoenen mag, maar blowjob is taboe'. Dat is denk ik marktpositionering, de inhoud is hetzelfde, alleen de verpakking wordt een beetje aangepast.
Ik geef toe dat dit allemaal niet zoveel met de Tour d'Afrique te maken heeft. Maar nu worden we tenminste ook gevonden als iemand googlet op 'fietsen en sex'. Wij doen ook aan marktpositionering zeg maar.

DE GEVAREN
Terug naar het fietsen sec. Iets over de mogelijke gevaren onderweg.
Van een reisbegeleiders cursus weet ik dat de belangrijkste bron van gevaar voor de
gezondheid van de toerist het verkeer is. Daarna komen, een diarreetje zo af en toe telt natuurlijk niet mee, de enge en gevaarlijke ziekten. En ver ver daarna komen de enge en gevaarlijke dieren.
Voor ons geldt, als fietsers, het verkeer als belangrijkste bron van gevaar misschien nog wel sterker. Maar in de echt grote steden fietsen we, als ik het goed begrepen heb, altijd in konvooi, inclusief politie-begeleiding. Buiten de grote bevolkingscentra zijn de wegen over het algemeen vrij rustig. Hoewel, als ik me de rijstijl van de gemiddelde Egyptenaar voor de geest haal, dan kan één auto al afdoende zijn.
Om onze lichamelijke gezondheid in de gaten te houden gaan er op de tour een dokter en een verpleegster mee. De meeste problemen betreffen het zitvlak. Misschien een niet echt benijdenswaardige positie, verpleegster op de Tour d'Afrique.
Wat is het risico om door pak weg een leeuw te worden gegrepen? Bijna nihil, hoewel.... In een eerdere jaargang van de Tour d'Afrique wisten een aantal rijders op een gegeven moment niet meer of ze nog wel goed reden. Toen ze langs de kant van de weg een bord zagen staan 'Nature reserve, stay in your vehicle at all times' wisten ze zeker dat ze beter rechtsomkeer konden maken.

Daarnaast is er nog de politieke onrust. In Kenia komen we over iets minder dan twee
maanden aan. Te hopen valt dat het heel snel weer rustig zal worden, vooral voor de Kenianen zelf.. Mocht dat niet zo zijn dan zal de leiding niet aarzelen om een alternatief programma te zoeken. Ik weet zeker dat de Canadese organisatie geen enkel risico wil nemen. Zeker als er flink wat deelnemers uit de VS, het land van de mega-claimers meegaan.Door het wij-zij denken van de laatste jaren ben je in Egypte en Soedan opeens 'de andere'.
Als ik één vooroordeel heb opgedaan tijdens bezoeken aan islamitische landen dan is het dat moslims enorm vriendelijke en gastvrije mensen zijn. Maar soms ook te overtuigd van het eigen, van God gegeven, absolute gelijk. Een kleine groep vereenzelvigt de bezoeker met de veronderstelde vijand, het Westen.
Juist deze dagen komt Bush op bezoek in Cairo. Hoe ironisch om geassocieerd te worden met zo'n beetje de laatste persoon waarmee je dat zou willen.
In Soedan wordt in Darfur sinds 1 januari een VN-vredesmacht opgebouwd. Er zijn
groeperingen die zelfs de VN zien als een louter westers instrument, niet meer dan een bezettingsmacht in een moslimland Maar ik kan me niet voorstellen dat men een stel voorbij fietsende toeristen dat kwalijk zal nemen.
Fysieke toestand Gwen: Goed. Heeft vandaag maar liefst anderhalve kilometer gefietst langs het zwembad om versnellingen en remmen af te stellen.
Mentale toestand Gwen: Relaxt. Zie ook Hans.
Fysieke toestand Hans: Geen klachten.
Mentale toestand Hans: Goed. We hadden wat spanningen over wat er komen gaat, maar die zijn zo goed als verdwenen nu we de overige deelnemers hebben ontmoet. Een flink deel van de groep blijkt zich op fiets-technisch gebied op hetzelfde matige niveau als ons te bewegen.
Superafgetrainde atleten zijn een kleine minderheid. Er zijn waarschijnlijk dit jaar maar een stuk of vijf racers. De rest gaat het allemaal relaxt doen. Net als wij!

Volgende bericht waarschijnlijk in Luxor. Aankomst daar donderdag 17 januari. De 18de is dan onze vrije dag. Dat is dan vast één groot feest, een dagje niet in het zadel.
(Hans)




Lees verder...

woensdag 9 januari 2008

De heenreis naar Caïro

We zijn in Caïro aangekomen!!! Vannacht/vanochtend lagen we om half zes in ons hotel bed.

Op Schiphol ging het redelijk soepel. Ons beetje overgewicht mocht zonder bijbetalen mee en ook de fietsen die te zwaar waren gingen zonder probleem het vliegtuig in. Bij de gate hadden ze wat moeite met de acht fietskettingen die vanwege het gewicht in de handbagage zaten, maar die tas kon alsnog in het ruim mee.
De vlucht verliep voorspoedig, redelijk eten, leuk filmpje en om twee uur plaatselijke tijd (het is hier een uurtje later dan in Nederland) landden we. Alle bagage, inclusief fietsen en de bij de gate afgestane tas, kwam vrij snel en wij waren klaar om te gaan.
Op onze vlucht bleken zeven andere TdA-ers te zitten. Canadese fietsdozen zijn een slagje kleiner dan onze “joekels” en het leek ook of hun bagage toch wat beperkter was, maar misschien was dat optisch bedrog.
Uiteindelijk bleken van twee personen de fietsen niet aangekomen te zijn. Dat was misschien maar goed ook want de zeven andere fietsen + bagage + passagiers paste maar net in het beschikbare busje. Om een uur of vier waren we bij het hotel. In een typisch voorbeeld van Afrikaanse efficiency duurde het ruim een uur voordat wij onze kamer hadden. Niemand stond namelijk op de hotellijst. In een bijna leeg hotel met 900 kamers zou je denken dat dat geen probleem hoefde te zijn, maar drie man was ruim een uur bezig om dit administratief af te handelen.

Inmiddels een korte nachtrust gehad, de fietsen bijna weer in elkaar gezet (zo te zien is alles heel gebleven) en het avontuur kan beginnen. (Gwen)

Lees verder...

dinsdag 8 januari 2008

Ons huis en bagage

Zo, voorlopig de laatste keer eigenheimers, spinazie-a-la-creme (vergeet na het prakken het scheutje azijn niet) en vissticks achter de rug.

Je hoort soms de wildste verhalen. Mensen parkeren hun auto bij de Efteling. Als ze terugkomen blijkt hun Tom-Tom gestolen uit de auto. Maar dat is niet alles. De dieven heb op ‘navigeer naar huis’ gedrukt, en ook daar de boel leeggehaald. Naar de Efteling ga je immers met het hele gezin, dus thuis is alles onbeheerd.
Je weet maar nooit wie op deze weblog terecht komt, het is per slot van rekening geheel openbaar. Maar als iemand zou denken dat hij bij ons eens rustig zou kunnen rondkijken of er wat van zijn gading bij is dan moeten we hem (of haar) teleurstellen. Ons huis blijft niet onbeheerd achter. Een Nederlands/Tsjechisch echtpaar gaat er de komende maanden verblijven. Daarnaast was er überhaupt al niet veel meer te halen. Zo’n beetje alle elektronica , op de tv na, hebben we meegenomen.
Of ben ik nu iets te paranoide? (Hans)

Hierbij ook nog een laatste bagage update.
Gisteren de fietsen in de fietsdozen gedaan. Gelukkig heeft de KLM ook daar richtlijnen voor, lengte + hoogte + breedte van de doos mag 302cm zijn. Onze fietswinkel had ons echter met één doos van 314cm opgezadeld. Na wat plak en knip werk van Hans is de doos nu teruggebracht tot 308cm en gelukkig maar een paar kilo te zwaar. We zien vanavond wel of de KLM moeilijk gaat doen.
Het eerder genoemde bagage probleem heeft zich opgelost door een extra ruimbagage tas mee te nemen, een van de handbagage tassen ook als ruim bagage en een extra rugzak als handbagage. Hans zal op zijn allercharmantst proberen onder het bijbetalen voor overgewicht uit te komen. Moet lukken met zijn fietshelm op het hoofd.
Over 4,5 uur komt het busje en dan zijn we eindelijk op weg!!!
Vanuit Caïro berichten we wel of alles in busje en vliegtuig paste, of alles in Caïro is aangekomen en of we al tot mentale rust zijn gekomen. Tot dan! (Gwen)

Lees verder...

zondag 6 januari 2008

De laatste dagen

Zojuist het laatste rondje Zeist gefietst. De volgende rit is, inshallah, in Cairo, Egypte. Het wordt tijd ook, ik heb goed genoeg van de pre-vertrek-stress. Ik zou haast jaloers worden op de mensen die op maandagochtend rustig naar hun werk kunnen gaan. De in de zomer en herfst opgebouwde fiets conditie leek een behoorlijke knauw te hebben opgelopen in de laatste weken van afscheid nemen en feestdagen vieren. Ergens halverwege het Zeister rondje werd ik, schijnbaar moeiteloos, ingehaald door een eind-vijftiger op een toerfiets. Uitslover! Laat hem dat tempo maar eens volhouden in Soedanese woestijn. Om van onze weblog helemaal een multimedia-spektakel te maken heb ik een filmpje opgeduikeld van onze vakantie in 2004 in Egypte. We reden met de bus van de kust naar de oase Siwa, in het westen van Egypte. Vier uur lang niets dan lege woestijn aan twee kanten van de bus. Over de luidsprekers ook vier uur lang een alsmaar doorgaande recital uit de Koran. Tenminste dat neem ik aan, het was in ieder geval religieus, we zaten midden in de Ramadan. Schitterend, de woestijn eindeloos, het gezang eindeloos, het maakte een eindeloze God bijna voelbaar. Nou, bij mij werkt het filmpje niet. Zal je altijd zien. Wil je iets religieus, spiritueels laten zien, laat de techniek je in de steek. Alsof het twee niet compatibele zaken zijn.(Hans)


Totdat het filmpje op de blog werkt is het hier ook te zien: filmpje
(Gwen)

Lees verder...

vrijdag 4 januari 2008

Vroeger

De onrustige nachten rijgen zich aaneen. Het valt moeilijk meer aan de Lariam te wijten, het einde van de proefperiode ligt al meer dan een week achter ons. Één van de nachten bedacht ik een verhandeling over het fenomeen verre reizen door de eeuwen heen te schrijven. Sterker nog, ik had het al bijna geschreven, in mijn hoofd. Eenmaal overdag leek het me toch beter dat jullie, en mezelf, te besparen.

Maar een paar opmerkingen wil ik toch wel maken. Toen ik ooit als adolescent mijn eerste verre reis maakte had ik welgeteld één apparaat bij me. Een zaklantaarn. Zelfs een camera vond ik al teveel. Wat de moeite waard was om te onthouden zou zich onuitwisbaar in mijn hoofd vastzetten. Daarvoor was geen foto achteraf nodig. Na onze laatste vakantie van drie weken moest ik kiezen uit ruim 1000 digitale foto’s. De tijden zijn veranderd.

Een lijst van de elektrische apparaten die we nu gaan meenemen:
• 1 Laptop
• 2 MP3 spelers
• 2 compact camera’s
• 1 spiegelreflex camera met 2 lenzen
• een stuk of 4 USB sticks
• 4 fietscomputers (2 reserves voor je weet maar nooit)
• 2 hartslagmeters
• 2 GSM’s
• 2 mijnwerker lampen voor op je hoofd. Bij die van mij hebben de LED’s vier mogelijke standen, en drie mogelijke kleuren. Bv rood voor als je ’s nachts op jacht zou willen.
• 6 verschillende (batterij)opladers
• 1 scheerapparaat. Nooit eerder gehad, maar vanwege het mogelijke watergebrek onderweg overgestapt. Je wilt toch een beetje netjes voor de dag komen.

Als ik alles samen zie, met de bijbehorende snoeren, verbeeld ik me dat een gemiddelde wereldtournee van Pink Floyd in de jaren 70 minder apparatuur bij zich had. Maar misschien is dat een beetje overdreven.
De techniek gaat een steeds grotere rol spelen. Dat maakt het helemaal weg zijn, het helemaal ergens anders zijn, steeds moeilijker. Door alle communicatiemiddelen ben je weg, maar toch ook nog steeds ‘hier’.
Halverwege de jaren negentig, nauwelijks tien jaar geleden, werkte ik als reisleider zo’n vier maanden per jaar in Indonesië. Het contact met het thuisfront verliep via een algemene brief die ik na anderhalve maand naar familie en vrienden stuurde. Nog eens anderhalve maand later had ik dan via een poste restante adres antwoord. Mijn ouders en mijn vriendin belde ik af en toe. Maar een beetje bijpraten kostte al gauw twee reisleider daglonen, dus dat gebeurde niet al te vaak.
Nog weer 10 jaar ervoor was ik in Zuid-Amerika. In vier maanden zag ik welgeteld één krantenbericht over Nederland. Het land had te kampen met extreme kou en sneeuwval, de politie patrouilleerde alleen nog maar op schaatsen en ski’s(!) zo las ik.
Twee jaar geleden maakten we een boottocht in Cambodja. De helft van de passagiers bestond uit collega-toeristen, de meesten van het backpackers type. In het begin was het spannend of we een naderende windhoos zouden ontlopen, iedereen was volop in gesprek met elkaar. Maar toen de rust wederkeerde trok men zich snel terug bij de MP3 speler, ondertussen SMS-jes versturend of lezend. Of er werd gebeld met ‘Mom’ thuis (Yes, I’am on the boat now, you should have seen the black sky a few minutes ago. I just mailed you the photo’)
Vroeger, ja vroeger, toen was alles anders. Elke medereiziger was een potentiële bron van vitale informatie. Alles moest je eruit peuren. Er waren geen tientallen weblogs van mensen die ook dezelfde trip aan het maken waren. Meestal waren er geen medereizigers, en probeerde je ondanks de taalbarrière een conversatie met de lokale mensen te onderhouden. Altijd interessant, en misschien dat zij je op de één of andere manier konden duidelijk maken waar de bus naar hoe-heette-die-stad-ook-al-weer zou vertrekken.
Een mooie tijd was dat, vroeger. Zucht.
Oké, genoeg ‘opa vertelt’ voor vandaag.
Bovendien denk ik dat, zonder enige twijfel, de Tour d’Afrique meer dan genoeg avontuur en er helemaal uit zal opleveren. We zullen niet al SMS-end op de fiets zitten

Of we nog gefietst hebben? Bij een gevoelstemperatuur van -10? Over ruim een week hebben we in Egypte een onbewolkte hemel, 20 graden, en wind mee. We zouden wel gek zijn om nu op de fiets te stappen. (Heel eerlijk: Gwen heeft wel gefietst, ik ben degene die er vanaf heeft gezien.)
Maar van het weekend moet het er toch nog even van komen, een laatste testrit met de net nieuw binnengekomen apparatuur. Verder geven we ons helemaal over aan de laatste-dagen-hebben-we-alles-wel-pak-stress.(Hans)

Lees verder...

dinsdag 1 januari 2008

Gelukkig nieuwjaar!


Iedereen ook hiervandaan de beste wensen voor het komende jaar!
Één januari is traditiegetrouw een nogal zware dag. Daarom maar een kort stukje. Wat is het mooie van de Tour d'Afrique? Ik zou nu vooral zeggen het ongewisse. Eigenlijk hebben we, als we er goed over nadenken, geen flauw benul van hoe het zal zijn. Ons voorstellingsvermogen redt het niet, het lijkt in niets op wat we eerder hebben gedaan. Heerlijk, iets helemaal nieuws. (Gwen en Hans)

Lees verder...

maandag 31 december 2007

Nog een week

Nog een week te gaan. Nu de hektiek van de laatste werkdagen en de kerst een beetje wegebt is het tijd voor overdenkingen (zie onderstaande bijdrage Hans) of lichte paniek.

Ik ben er klaar voor, op wat kleine vuiltjes na. Zo zijn de paspoorten nog steeds op de Sudanese ambassade en een aantal reserve onderdelen nog in bestelling, maar we hebben nog maar liefst 5 werkdagen te gaan.
Tijd genoeg toch?
Tijd voor overdenkingen dus. Hans denkt dat hij een kikker in een warm bad is (klinkt ook niet heel gezond), ik denk aan de bemoedigende woorden van een amerikaanse vriend: “what the heck makes you guys think you can cycle 12.000km?”. Inderdaad hoe komen we daarbij?
Gisterenavond kwamen we tot de conclusie dat in het ergste scenario we halverwege dag 1 in de truck zouden moeten stappen. 's Nachts breidde het scenario zich in mijn hoofd uit tot mogelijke rampen daarna. Gelukkig schijnen buitenlanders die met een biertje in Sudan worden betrapt meestal geen 40 stokslagen te krijgen. In Ethiopië worden buitenlanders op de fiets welkom geheten door stenen naar ze te gooien en stokken tussen de spaken te steken. Kenia zal als we daar aankomen toch wel rustig zijn?
Gelukkig denk ik dat als we dat eenmaal allemaal achter de rug hebben de rest een eitje zal zijn. Tanzania, here we come!

Nog een korte bagage update. Van de organisatie kregen we nog een mail dat er heel streng op de bagage voorschriften zou worden gecontroleerd. Ik blij dat ik braaf de toegestane 70 Liter tassen heb aangeschaft en niet stiekem 5 – 10 Liter meer.
Bovendien denk ik dat we alles wel mee gaan krijgen in het vliegtuig, als ruimbagage nemen we nog een tasje extra mee.

En het allerlaatste nieuws. Van de nederlandse vertegenwoordiger kregen we ook nog het bericht dat in het kader van een nieuw televisie programma over BN-ers die graag fietsen er de eerste dagen een BN-er mee gaat fietsen. Natuurlijk zijn we reuze benieuwd welk garnituur BN-er dit wel niet zal zijn (zitten we na die eerste halve dag in de truck met Jantje Smit?).



Iedereen die een gokje wil wagen mag zijn reactie geven. Onder de goede antwoorden wordt een mooie prijs verloot .... (Gwen)

Lees verder...

zondag 30 december 2007

Een overdenking

Misschien was het nog de Lariam, of de onrust van de voorbereidingen, maar in ieder geval kon ik de slaap niet vatten. Daarbij gevoegd de tijd van het jaar, en voor ik het wist zat ik midden in een overdenking.
Uit een experiment is gebleken dat als je een kikker in een pan met water zet, en je het water maar langzaam genoeg verwarmt, de kikker geen enkele poging doet de pan te verlaten. Tot aan het kookpunt toe. Ik heb niet de moeite genomen het verhaal te verifiëren op internet. Misschien is het een broodje aap verhaal, een mythe. Aan de andere kant klinkt het zo onwaarschijnlijk, dat verzin je niet, het kan niet anders dan waar zijn. In ieder geval is duidelijk dat het dateert van voor de opkomst van de Partij voor de Dieren.
De vorige zondag

Soms bevinden mensen zich in een soortgelijke situatie, zo overdacht ik. Over bijvoorbeeld hun werk, of hun relatie, denken ze al een tijd dat het niet echt prettig meer is. Maar aan de andere kant niet veel slechter dan een tijdje geleden. Het is nog best even vol te houden, en dan wordt het vast weer beter. En voordat je het weet drijf je gekookt op je rug rond, ben je kikkersoep geworden.
Om dat te voorkomen zou je af en toe eens naar een andere vijver moeten springen. Hoewel, bij een relatie is het meestal niet echt verstandig om ergens anders een stukje te zwemmen. De negatieve effecten zijn groter dan de positieve. Maar bij werk doet het enorm goed als je je de luxe kunt veroorloven er eens helemaal uit te stappen. Een tijdje reisleider spelen, een lange vakantie, of, ik noem maar iets, van Cairo naar Kaapstad fietsen. (Zou ik in een midlife crisis zitten?)
Wat overdacht ik nog meer terwijl ik onrustig in bed lag te draaien? Dat de conclusie van het kikkerverhaal is dat het noodzakelijk is om je situatie af en toe eens goed te overdenken. Een overdenking dat het goed is om te overdenken. Hoe meta kan je worden? Dat mijn relatie met Gwen nog steeds een heerlijk warm bad is. Dus geen enkele behoefte eens een ander bad te proberen. Maar waarom worden mijn benen, zelfs mijn hele lichaam, de laatste tijd maar roder en roder… -grapje

En het fietsen? We doen het even rustig aan. Het andere voornemen, veel eten om wat extra vetreserves te kweken, is beter gelukt. Al een paar keer positieve feedback gehad. ‘Goh, Hans, je bent wat dikker geworden hè. Vooral je hoofd zo lijkt het’. Gwen staat me gelukkig na: ‘Volgens mij is je hoofd helemaal niet dikker dan eerst.’

Toeval bestaat niet. Na de Kerst afwas keken we ‘An inconvenient truth’ van Al Gore. Zoals de titel al aangeeft een film met niets dan de waarheid. Komt Al opeens met het kikker verhaal aan. Alleen, typisch Amerikaans, met een happy end. Op het allerlaatste moment wordt de kikker gered. Gelukkig maar. (Hans)

Lees verder...

maandag 24 december 2007

De feestdagen

Kerst staat alweer voor de deur. Dan nog eventjes Oud-en-Nieuw, en dan mogen we al op weg.
Het kerstgevoel wil dit jaar nog niet echt toeslaan. De aanstaande tocht door Afrika, en alle noodzakelijke voorbereidingen die nog plaats moeten vinden, eisen nu al de meeste aandacht op. Eigenlijk vind ik dat jammer. Ik zou liever tot Oud-en-Nieuw mijn volle aandacht bij het hier en nu willen houden, en me daarna pas geheel in de Tour d’Afrique willen storten. Maar zo werkt het niet. De komende gebeurtenissen zijn te groot en ingrijpend om ze op de achtergrond te houden. (Daarnaast is er Gwen die liever niet alles tot het laatste moment uitstelt. Misschien wel verstandig….)

Gisterochtend kostte het wat minder moeite helemaal hier te zijn. Ik fietste langs de Vecht, daarna door de weilanden naar Hollandse Rading, en door de bossen terug. Het was fantastisch. De afwisseling van mist en zon, het laagje sneeuw en de aangevroren bomen, de schaatsers op sloten en plassen. Op de Anton Pieck schaal zaten we ver boven de negentig (sprookjesbos Efteling is honderd). (Hans)

Overzicht dag -19:
Van: Thuis
Naar: Vecht, Hollandse Rading
Aantal kilometers: 47 km
Tijd op fiets: 2 uur 16 minuten 5 seconden
Gemiddelde snelheid: 20,7
Temperatuur min en max: Rond 0

Lees verder...

donderdag 20 december 2007

De route, onze voornemens en een dwaaltocht

Een deelneemster van vorig jaar, Leigh-Ann Shafer, heeft een gedeelte van de route van de Tour d’Afrique op gps vastgelegd. Ik had me er veel van voorgesteld de gegevens via Google Earth in te lezen, en alvast de route virtueel een beetje te verkennen. Vogelvlucht en inzoomen is inderdaad fascinerend. Even klikken en je zit in de meest desolate landschappen. Of je ziet de vreemdste objecten. Ben ik de enige die ziet dat het om een gelande UFO gaat, of anders Egypte’s geheime uranium opwerkingsfabriek. Slim om een stel toeristen ernaast te laten slapen, dat voorkomt elke mogelijke verdenking.

Van de te bezoeken landen heb ik wat overzichtfoto’s gemaakt, maar die vallen een beetje tegen. Het in kunnen zoomen maakt het pas leuk. De route is tot Malawi door Leigh-Ann gefietst. Daarna heb ik zelf wat punten geselecteerd, en daartussen rechte lijnen getrokken.
De weblog van Leigh-Ann vond ik vorig jaar erg leuk om te lezen. Ze maakte de indruk prettig ongeorganiseerd te zijn. Een afwijkend geluid tussen al die tot in alle details minutieus voorbereide deelnemers. Bovendien is ze een Afrika-kenner, momenteel werkt ze in Oeganda.

Wat zijn onze voornemens voor de komende tijd? Zoveel mogelijk eten. We hebben bedacht dat serieus trainen geen zin meer heeft. Het is te koud om veel kilometers te maken. Belangrijker is om met genoeg reserves aan de tocht te beginnen. Als we zes of zeven uur per dag fietsen verbranden we naar schatting zo’n 5000 kcal. Daar valt bijna niet tegen op te eten. Elke gram vet extra die we nu nog kunnen kweken is meegenomen. Treft het even dat de feestdagen eraan komen. Een overvloedig kerstmaal, slagroom met een beetje koffie eronder, oliebollen als vetsponzen, nog even doorzetten want elk biertje is ook weer twee boterhammen. Alles is goed als het maar aanzet. Een sportman moet, als hij echt leeft voor zijn sport, zich soms flink wat opofferingen getroosten.

Afgelopen zondag naar Almere-Haven gefietst. Een afwisselende route door de bossen, oude polders en over de Stichtse brug naar de nieuwe polder. Onderweg zagen we dat de temperatuur -1 was. Op verjaardagsvisite geweest bij mijn nichtje Julia. Hiep hiep hoera. Na een flinke dwaaltocht door Almere-Haven, alleen de autoweg en de busbaan gaan rechtdoor, voor fietsers zijn er enkel rustieke kronkelpaden, toch nog Almere CS gevonden. Daar op de trein gestapt. Om met -5 twee uur door het donker te fietsen ging ons net iets te ver. (Hans)
Overzicht dag -26:
Van: Thuis
Naar: Almere
Aantal kilometers: 55 km
Tijd op fiets: 2 uur 19 minuten 33 seconden
Gemiddelde snelheid: 18,5 (elke week weer wat langzamer)
Temperatuur min en max: -5 tot -1

Lees verder...

donderdag 13 december 2007

HELP !!! bagage

Omdat ik toch wat last had van onrustige nachten bij de gedachte aan alle bagage die we mee moeten gaan nemen in combinatie met de toegestane bagage formaten en gewichten had ik vandaag besloten om de benodigde tassen maar eens aan te schaffen.

De gegevens waren simpel, per persoon toegestaan:
1 watervaste “permanent bag” van 70 Liter, die straks de hele week boven op de truck ligt met de spullen die je niet direct die week nodig hebt.
1 tas voor de dagelijkse spullen (inclusief kampeerbenodigheden) die de eerste weken in Egypte de “red box” (box waarin de truck onze dagelijkse spulletjes vervoert) moet vervangen. Deze tas zouden we dan als handbagage met de KLM willen meenemen, dus maximaal 55cm x 35cm x 25cm.
Ik had gehoopt dat het bezit van deze tassen mijn gemoedsrust zou bevorderen en ik 's nachts niet meer wakker zou liggen van het “bagage probleem”.

Gehoopt dus.
De perfecte tassen aangeschaft, tegen de zin in van Hans die niet zo gelooft in spullen kopen maar die een avondje weg was dus even geen stem had.
In de woonkamer stonden nog de spullen van de fietswinkel (zie winkelavonturen van Hans iets verderop), een doos met daarin de tent, slaapzakken en allerlei kampeergerei en andere benodigheden.

Dat zit nu in de tassen, en er is welgeteld nog 1,25 tas niet gevuld. Daar hoeft slechts de normale bagage voor een maand of 4 op reis en alle fietskleding en toebehoren in. Ik geloof dat we alleen met de oplaadsnoeren van alle apparaten die mee moeten al een tas kunnen vullen.

Lichte paniek dus (bij mij, Hans weet nog van niets). De fietshelmen kunnen we opzetten in het vliegtuig, de slaapzakken misschien omwikkelen? Als iemand nog ideeën heeft ....!!!!
(Gwen)





Lees verder...

maandag 10 december 2007

Lariam en gezellig winkelen

Alweer een nacht rampzalig geslapen. Steeds maar dromen die eindigen in een situatie waar je met volle inzet iets wil of moet doen, maar het lukt maar niet, hoe hard je ook probeert. Als je wakker schrikt duurt het nog minuten voordat je door hebt dat het maar een droom was. Weer in slaap vallen lijkt eindeloos te duren.
Voor als we heimwee naar Nederland krijgen onderweg

We zitten in de Lariam-testfase. Nu alvast drie weken het anti-malaria middel slikken om te kijken of de bijwerkingen, onder andere slechte nachtrust, niet zo ernstig zijn dat we moeten overstappen op iets anders. Maar hoe kan je op deze vraag een wetenschappelijk verantwoord antwoord geven. Op dezelfde dag heb ik mijn derde anti-rabiës injectie gehad waardoor ik niet op mijn linkerschouder kan liggen, ruim vier uur non-stop moeten winkelen, en minstens zes tenen knoflook weggewerkt tijdens het Spaanse tapas eten. Elke gebeurtenis op zich zou al afdoende reden kunnen zijn om een hele nacht onrustig in bed te draaien. We wachten het nog maar even af, nog twee weken krijgt Lariam het voordeel van de twijfel.

Het grote inkopen is begonnen. In een grote fietsspeciaalzaak hebben we geprobeerd alle benodigde reserveonderdelen en bovendien nog wat fietskleding aan te schaffen. De missie is niet volledig geslaagd. Op fiets-technisch gebied schiet onze kennis nog wel eens te kort. Van te voren hadden we een keurig lijstje gemaakt en, waar we nodig dachten, nog wat bijgelezen. Het deskundig winkelpersoneel stelde ons echter soms vragen waarop we slechts met een glazige blik en een lange stilte konden reageren. In het begin was meewarigheid ons deel, maar dat ging gelukkig al vrij snel over in vriendelijke behulpzaamheid. We hebben weer veel bijgeleerd, en zullen ons bij een volgend winkelbezoek nog beter kunnen weren.

Nog een heimwee plaatje, mischien ook nog iets van Amsterdam...

Op het gebied van de fietskleding zou ik, als prijsbewuste, okay zuinige Nederlander een lans willen breken voor Aldi en Lidl. De afgelopen maanden hielden we de aanbiedingen in de gaten. Soms moest ik er drie Aldi’s voor af fietsen om een exemplaar te achterhalen, maar het was de moeite waard. Een windbestendig jack, een fietsshirt en een lange fietsbroek, per stuk allemaal nog onder de 15 euro. Het allerbeste was de Aldi in Utrecht-Overvecht. Die had in grote bakken de restanten van alle Aldi aanbiedingen van de afgelopen maanden liggen. Na een soort van archeologische expeditie door de rotzooi had ik 2 fietsonderbroeken, een fietsshirt, korte fietshandschoenen een stuurtasje voor nog geen 15 euro. Onderweg zal ik er ongetwijfeld genadeloos voor gestraft worden, bijvoorbeeld met een totaal ontredderd zitvlak. Maar nu kan ik nog met veel plezier de prijzen vergelijken. Bij de campingspullen van de speciaalzaak lag een officieel Therma-rest reparatie-setje voor onze slaapmatjes. In een plastic zakje zat een tubetje lijm en welgeteld één plakkertje. Elf euro vijfennegentig. Mijn complete Aldi-Lidl fietskledinglijn is equivalent aan 5 Therma-rest plastic plakkertjes. Ook interessant vergelijkingsmateriaal gaf het rek met de aanprijzing aanbieding/opruiming. Ik zag een leuk regenjasje hangen, zo’n ding dat als prop in je binnenzak past. Bleek afgeprijsd van 385 euro naar 275 euro. Vraag niet hoe het kan, profiteer ervan!
Overigens toch nog genoeg kwaliteitsspullen aangeschaft. Dat gaat dan qua geld veel sneller dan je in je stoutste dromen had kunnen vermoeden. Bij de kassa deden Gwen en ik een prijsbewustheids quiz. Hoeveel zou het totaalbedrag zijn voor de aangeschafte kleding en fietsonderdelen. Mijn schatting was slechts een factor drie te laag. Gwen zat meer dan 300 euro hoger, maar nog steeds niet op twee derde van het bedrag. En de oplossing is….

Over een maand zijn we, als alles goed gaat, in Cairo!
Op boodschappenexpeditie hebben we ook nog een beetje gefietst. (Hans)

Overzicht dag -34:
Van: Thuis
Naar: Woerden en terug
Aantal kilometers: 44 km
Tijd op fiets: 2 uur 19 minuten 47 seconden
Gemiddelde snelheid: 18,7 (tja)
Temperatuur min en max: Graadje of 7-8



Lees verder...